The Big Stones is ondanks corona een gezonde club

Havelte - Bij rugbyclub The Big Stones hebben ze onder meer guppen, turven en cubs. Samen met de heren, veteranen én niet te vergeten de dames, zijn het er circa 140. Ziedaar het aantal rugbyleden dat de Havelter club momenteel heeft. Leden die afkomstig zijn uit ‘groot Havelte’, zoals PR-bestuurslid Erik Graafland het noemt. „Het mooie van rugby is dat er plek is voor iedereen.”

In het voorjaar van 1981 hadden Jan Oostra en Henk Harms, twee rugbyers uit Havelte die op dat moment bij ‘de buren’ - rugbyclub Dwingeloo - speelden een idee. Dat wat in Dwingeloo kan, moet toch ook in Havelte mogelijk zijn? En zo kreeg Havelte op 28 augustus van dat jaar een eigen rugbyclub: The Big Stones.

Lustrumcommissie

Dat betekent ook dat deze vereniging in 2021 officieel veertig jaar bestaat. Veel is er nog niet te melden over de festiviteiten. Wel dat inmiddels een lustrumcommissie is samengesteld en dat in het laatste weekend van augustus 2021 uitgebreid gefeest wordt. Tenminste: als het dan kan en mag. Graafland: „Ik ben nu zes jaar betrokken bij The Big Stones, dus ik heb het 35-jarig bestaan nog net meegekregen. Toen was er ook een groot feest en hadden we een buitenlandse club uitgenodigd voor een vriendschappelijk duel. Hopelijk kunnen we in het nieuwe jaar ook iets moois organiseren, al zijn er nu belangrijkere dingen in de wereld.”

De stap van festiviteiten en samen zijn, naar spelplezier dat vooropstaat bij de Havelter rugbyclub, is niet zo groot. The Big Stones moet het hebben van de gezelligheid. Het is er de sport ook naar, wie er de officiële rugbyregels bij pakt. ‘Na een wedstrijd bedanken de teams elkaar door voor de tegenstander een erepoort te vormen. Daarna volgt altijd de ‘derde helft’, waarin de sfeer kameraadschappelijk te noemen is’, zo valt te lezen op Wikipedia.

Enthousiast

„Als je kijkt naar de jeugd, dan is er toch sprake van onbekendheid met de sport. Jongeren komen op straat niet in aanraking met rugby. Toch zijn ze al snel enthousiast. Er is voor iedereen plek in een rugbyteam. Of je nu heel groot bent, of klein, minder getalenteerd en niet zo goed kunt meekomen. Dat is ook het mooie aan rugby. Bij rugby wordt niemand uitgesloten vanwege afkomst, uiterlijk, leeftijd of lichaamsgewicht. Sterker nog: juist in het rugby heb je elkaar allemaal nodig. Je merkt dus ook dat er nog steeds jeugdleden komen aanwaaien, een keer meetrainen en lid worden. We hebben in alle jeugdcategorieën bezetting. Dat begint al bij de allerkleinsten, de guppen vanaf zes jaar. Verder hebben we nog de turven vanaf acht jaar, de benjamins tot tien, de mini’s tot twaalf jaar, de cubs tot veertien, gevolgd door de junioren tot zestien en de colts tot achttien jaar. Niet overal kunnen we volledige teams vormen. Dat betekent dat je weleens samenspeelt met andere verenigingen. Het elkaar pas zien in wedstrijden is best lastig. Gelukkig hebben de trainers afgesproken om dezelfde speelwijze te hanteren, zodat iedereen weet wat hij of zij moet doen. In coronatijd heeft de jeugd getraind, zijn er onderlinge wedstrijdjes gespeeld en zijn er activiteiten georganiseerd. Normaal gesproken geven we ook clinics op scholen. Bij een clinic in Meppel was ik zelf ook aanwezig. Dan is het toch mooi om nog vier, vijf leerlingen op onze club te zien rondlopen.”

Bij de senioren was rugbyen in coronatijd natuurlijk amper mogelijk. Fysiek contact mag immers niet. „Zelf speel ik bij de heren. We hebben veel conditiewerk gedaan en bepaalde oefeningen in tweetallen. We mogen niet tackelen, geen duels aangaan en partijtjes spelen is ook niet toegestaan. Dat geldt ook voor de dames. Samen met Gerjan Koster en Robert Plaizier train ik de dames. We hebben nu vijftien zeer enthousiaste meiden, die heel veel plezier beleven aan het rugbyen. Een aantal had wel een rugbyachtergrond, maar de meeste dames niet. En ze zijn nog ongeslagen hè...”

Kleinere teams

De dames van The Big Stones speelden tot nu toe alleen oefenduels, waarvan er eentje werd gewonnen en het andere duel in een gelijkspel eindigde. Op een toernooi in Wageningen werd de finale bereikt, die ook met een gelijkspel werd afgesloten. „We wilden het team inschrijven voor de zogenaamde social competitie. Dat is een nieuwe competitievorm met kleinere teams. En dan niet elk weekend een wedstrijd spelen, maar eenmaal per maand. De bedoeling was dat we in september van start zouden gaan, maar dat is dus geannuleerd. Toch blijven de dames vol goede moed en zijn ze nog steeds enthousiast. Hoewel we ‘rugbytechnisch’ niets mogen, zijn de meesten er bijna elke training.”

Tot slot: hoe staat het met de eigen prestaties van Erik Graafland? Oftewel: het eerste herenteam? „We spelen in de derde klasse, dat is het een-na-laagste niveau. Ik denk dat we het goed doen als we in de middenmoot spelen. Als je een klasse hoger gaat, dan is het verschil op alle vlakken - fysiek, technisch en tactisch - gewoon te groot. Laat ons maar mooi in deze klasse blijven.”

 

Erik Riemens