Waterschappen vangen minder muskusratten maar meer beverratten

De muskusrattenvangst in Noordoost-Nederland is in 2020 met 27 procent gedaald ten opzichte van 2019. Landelijk gezien daalde de muskusrattenvangst met 5 procent.

Ook Waterschap Drents Overijsselse Delta () ving in 2020 minder muskusratten dan de jaren ervoor. De cijfers liegen niet: van 10.105 gevangen muskusratten in 2016 naar 2.691 vorig jaar is een daling van bijna 74 procent.

De vangsten van de Waterschappen Noorderzijlvest, Hunze en Aa’s, Drents Overijsselse Delta en Vechtstromen samen daalden in totaal van 12.726 dieren in 2019 naar 9.254 dieren in 2020. In 2011 werden in Noordoost-Nederland nog 65.009 muskusratten gevangen.

Beverratten

De beverrattenvangst steeg in Noordoost-Nederland met 55%. In 2019 werden er 321 beverratten gevangen. In 2020 waren dit er 496. WDODelta ving slechts 18 beverratten. Dat komt omdat Nederland geen eigen beverrattenpopulatie heeft. Ruim 95 procent van de vangsten vindt direct langs de grens met Duitsland plaats. Door de zachte winters van de afgelopen jaren is de beverratpopulatie in Duitsland sterk gegroeid, met als gevolg een toenemende instroom van beverratten naar Nederland.

Gevaarlijk voor dijken en oevers

Muskusratten worden gevangen, omdat ze gangen en holen graven in dijken en oevers. Een volwassen muskusrat kan met gemak zo’n twaalf kruiwagens vol zand verplaatsen per jaar. Dijken raken zo verzwakt en kunnen (deels) instorten. Daardoor is de bestrijding van muskusratten in ons land bij wet geregeld.