Derde generatie Schieving start in familiebedrijf

Geeuwenbrug - Twee bijzondere tractoren staan te blinken voor de werkplaats van Mechanisatiebedrijf Schieving in Geeuwenbrug. Niets kan het te vertellen verhaal beter verbeelden dan de oude David Brown en de nieuwe McCormick. Het verleden en de toekomst gevangen in een plaatje van twee trekkers, het verhaal verteld door vader Rinus Schieving en zijn zoons Hans en Paul. ‘Die David Brown, daar is mijn vader destijds dit mechanisatiebedrijf mee begonnen’, vertelt Rinus.

Rinus Schieving werkt inmiddels zo’n 45 jaar in het familiebedrijf dat landbouwmachines en tractoren verkoopt en repareert.

Familiebedrijf

Rinus en zijn broer Henk namen na het overlijden van hun vader in de jaren 80 het mechanisatiebedrijf over. Toen broer Henk dit jaar met pensioen ging, moest Rinus zich beraden over de toekomst van het bedrijf. Zijn zonen Hans en Paul waren hun eigen weg gegaan en hadden inmiddels beide een goedbetaalde baan buiten het bedrijf. Toch besloten de broers dit jaar om alsnog in het familiebedrijf te gaan. ‘We vonden dat het bedrijf voortgezet moest worden. Het kan toch niet dat je hier straks langsrijdt en er geen bord meer aan de weg staat met Schieving erop?’, verklaart Hans hun beweegreden om bij hun vader in het bedrijf te gaan. Paul gaf zijn baan op om volledig in het familiebedrijf te gaan werken. Hij verhuisde bovendien naar het woonhuis bij het bedrijf. Hans combineert het met zijn huidige baan en stroomt langzamerhand het bedrijf in. ‘We geven onze zekerheden op voor een toekomst als eigen ondernemer. Dat is wel een risico, maar we nemen deze stap heel graag,’ zegt Paul.

Positieve reacties

Enthousiast vertellen ze over de vele positieve reacties van klanten die ze kregen op het nieuws over de voortzetting van het bedrijf. ‘We hebben veel trouwe klanten, uit de regio, maar ook uit heel het Noorden, tot aan de Duitse grens’, vertelt Rinus. ‘Zelfs oude David Browns, zoals deze op het erf, komen nog op de werkbank. Er zijn niet veel mensen meer die daar verstand van hebben.’ Rinus kent de David Brown van binnen en van buiten. ‘Toen de Amerikanen David Brown overnamen, gingen we ook Case trekkers verkopen. Nadat Case een jaar of tien geleden werd overgenomen door New Holland zijn we overgestapt op McCormick. Voor dit Italiaanse merk hebben we bewust gekozen vanwege de vrijheid die je als dealer hebt. Wij willen namelijk graag onze eigen gang gaan. We willen ons niet laten voorschrijven hoeveel trekkers we moeten verkopen of met welke materialen we moeten werken’, zegt Rinus.

Gemoedelijkheid

Met de vrijheid die de mannen nu hebben houden ze de gemoedelijkheid van het familiebedrijf hoog in het vaandel. Want dat is belangrijk voor ze, dat ze een praatje kunnen maken met de klanten, een kopje koffie kunnen drinken. Dat de klanten geen nummer zijn. ‘We willen er zijn voor onze klanten. Van oudsher zijn de klanten gewend dat ze op elk moment kunnen bellen als er iets is en dat wij het voor ze oplossen. Dat willen we voortzetten. Zodat de klant zo snel mogelijk weer aan het werk kan met zijn machine’, zegt Paul.

Hoewel moeder Marijke de ontwikkelingen wel spannend zegt te vinden, hebben de heren alle vertrouwen in de toekomst. ‘Er is in die 45 jaar dat ik werk gigantisch veel veranderd. Bij deze David Brown kan je alles met een sleutel doen, aan de McCormick sleutel je met een laptop. Daar gaat weinig meer met de traditionele sleutel. Het leuke gaat er toch wel beetje van af, vind ik. Ik mag graag met de handen werken, ik ga liever met de sleutel uitzoeken wat een oorzaak van een storing is. Nu is het allemaal elektronica. Men zegt het wordt makkelijker, maar ik vind het soms veel moeilijker’, legt Rinus uit.

En daar komen de zoons om de hoek kijken. ‘Pa kan dingen met die trekkers, dat is verbazingwekkend. Qua sleutelen kunnen we de komende jaren nog veel van pa leren. Met de computers zijn wij weer wat handiger. En ook het Engels waarmee we met deze Italiaanse trekkers veel te maken hebben ligt ons beter dan pa. We redden ons met veel dingen. Al hebben we pa nog wel 5 à 6 jaar nodig.’ ‘En als ze mij zat zijn kunnen ze mij uitkopen’, vult Rinus aan.

Toekomst

‘Dit bedrijf is voor ons de toekomst. We zetten eerst alles op een rij en gaan dan kijken naar wat er nodig is voor die toekomst. Want we zullen wel moeten moderniseren. De trekkers worden steeds groter, dus we overwegen de werkplaats te vergroten. We zullen met de tijd meegaan, we moeten vooruit. Het is mooi dat we dit familiebedrijf met vertrouwen kunnen voortzetten.’